4.3.1 ELO-multifunctioneel

Multi-functionaliteit is een van de eigenschappen van virtuele educatie en het is dus van belang dat aspect goed in te zetten.  

Hoe doe ik dat?

  1. U hanteert een ELO als het klassieke handboek; iedere ELO kent hoofdstukken, paragrafen en bladzijden, die samen een naslagwerk vormen dat zowel voorziet in snel toegankelijke als in gedetailleerde en uitverige informatie 
  2. U gebruikt een ELO als het klassieke leer- of werkboek; naast teksten bevatten de sitepages ook leer- of werkopdrachten volgens het VETO-principe. Het gebruik van dit principe garandeert dat u als gebruiker zich de aangeboden informatie daadwerkelijk eigen maakt.
  3. U ziet een ELO vooral als modulair onderwijsprogramma; samen met gerichte instructies vormen de teksten en de bijbehorende opdrachten zelfstandige onderwijsmodules. Deze modules kunnen op hun beurt weer orden geclusterd tot curricula.
  4. U maakt van een ELO een eigen kennismanagement-instrument; door zelf een eigen ELO aan te maken, al of niet gebruik makend van bestaand materiaal, kunt u niet alleen uw eigen portfolio aanleggen, maar dit ook gebruiken als instrumnet om al uw kennis te ordenen en beschikaar te maken.
  5. U gebruikt ELO's als een collectief kennisnetwerk; door collectief te werken, kunt u kennis delen en gezamenlijk uitbouwen.