Inleiding

Onderwijskunde bestudeert het leren en de ondersteuning daarvan in brede zin te ondersteunen.

Hoe doe ik dat?

  1. U maakt gebruik van overkoepelende begrippen als context, cultuur en kaders, u kent de didactische uitgangspunten
  2. U heeft inzicht in kenmerkende inhoudelijke begrippen, definities, modellen en schema's, u ordent
  3. U kent de wisselwerking tussen educatie en levensloop
  4. U verdiept zich zowel in de pioniers en mijlpalen uit het verleden als in veelbelovende recente ontwikkelingen, u kent de historie
  5. U bekijkt, bij voorkeur contrasterende beelden als leerzame voorbeelden
  6. U zoekt verder in de hier gebruikte bronnen
  7. U beseft dat de hier gebruikte werkwijze deel uitmaakt van een of meer hogere ordeningsmechanismen, zoals complexiteit, systeemtheorie etc. (zie ELO-Denkhulp: Vindkunde).