2.1.2.4.3.1.2 Training

De vaardigheidslijn staat ook wel bekend als training, het net zo lang oefenen van bepaalde vaardigheden dat ze automatisch goed verlopen. 

Hoe doe ik dat?

  1. U weet dat dit type onderwijs gericht is op beter worden (beheersen) in een professionele vaardigheid. Hier gaat het om het concreet kunnen toepassen van de body of skills van een bepaald vakgebied. U werkt doelgericht
  2. U realiseert zich dat het gaat om beter en handiger worden in een bepaalde vaardigheid. Het resultaat dient ook zichtbaar, en bij voorkeur ook meetbaar in de praktijk te zijn. Het oefenen vindt doorgaans in een gecontroleerde setting plaats. U maakt gebruik van dynamiek
  3. U beseft dat u als docent fungeert als rolmodel, u doet voor en na. Het geven van feedback op concreet gedrag van de leerling is essentieel, maar de docent leert de leerling ook waarnemen, ervaren en reflecteren op diens handelen. U bent docent
  4. U maakt gebruik van typerende opdrachten
  5. U maakt gebruik van typerende beoordeling; beoordeling van de demonstratie van een vaardigheid. U werkt in termen van EPA's: Entrustable Professional Activities.