x.3.1.1.2 Leerstijl

Onder leerstijl verstaat men de wijze waarop mensen zich bij voorkeur kennis of inzichten en het makkelijkst eigen maken. Het is voor een opleider handig om hiermee, in symetrische of complementaire zin, rekening te houden. 

Hoe doe ik dat?

  1. U weet dat 'Bezinners' beschouwelijk zijn aangelegd, ze leren het makkelijkst door een opgedane ervaring anuit verschillende invalshoeken te bekijken. Ze zijn sterk in het bedenken van ideeën en plannen, maar kunnen moeilijk kiezen
  2. U weet dat 'Denkers' het liefst leren door zich eerst een theoretisch beeld te vormen en dat vervolgens toe te passen. Als opleider moet u de denkers aanzetten tot actie
  3. U laat 'Beslissers' leren door zaken toe te passen in de praktijk. De opleider moet de beslissers wijzen op het belang van bezinning: niet te snel naar een oplossing grijpen of te kiezen voor ‘grote stappen, snel thuis’
  4. U laat 'Doeners' dingen direct uitproberen, waarbij ze pas later overgaan tot reflectie en
    begripsvermogen. Als opleider moet u de doener helpen bij het ontwikkelen van theoretische kaders voor zijn handelen.